Archive | February, 2013

De overheid volgt ons, tot voorbij de voordeur

25 Feb

Burgers en overheid houden elkaar in wantrouwen gevangen. Iedereen wordt als verdachte bejegend.

In Nederland wordt de burger niet vertrouwd. Niet door de overheid en helaas maar al te vaak ook niet door zijn medeburgers. Het excuus van een potentiele terroristische dreiging, moslimextremisme, zware criminaliteit of kinderporno wordt regelmatig gebruikt om de privacy in Nederland aan de kant te schuiven. Drogredenen als ‘je hebt niks te verbergen als je niks gedaan hebt’ en ‘jij bent toch ook tegen kinderporno, of niet soms?’ worden gebruikt om bezwaren van de bevolking en belangengroepen te pareren.

Toch bewijst de overheid keer op keer dat ze niet goed weet om te gaan met de gegevens van haar burgers. Een korte zoektocht op internet levert tal van voorbeelden op waar de overheid gefaald heeft of haar boekje ver te buiten ging. Recentelijk werden de inkomensgegevens van miljoenen Nederlanders door de belastingdienst doorgegeven aan de woningbouwcorporaties met als doel scheefwonen tegen te gaan. Helaas was de wet die dit goedkeurde nog niet eens behandeld door de Tweede Kamer.

DigiD zou ons allemaal een unieke account geven om gebruik te kunnen maken van de verschillende digitale loketten die de overheid te bieden heeft. Dit zou anoniem gebeuren en niemand anders zou toegang hebben tot jouw gegevens; identiteitsfraude was uitgesloten. Ook hier ging het fout, het bedrijf Diginator, dat dit proces faciliteerde, bleek verouderde en valse veiligheidscertificaten voor websites uit te geven. DigiD werd voor langere tijd onbruikbaar geacht en de gegevens van duizenden Nederlanders zijn mogelijk in gevaar geweest.

In 2008 is de overheid begonnen met het registeren van kentekens op de snelwegen in de regio Rotterdam en Zwolle. Het doel was om daders van misdrijven te achterhalen. Volgens het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) is het bewaren van kentekens van onschuldige burgers ‘in strijd met de wet en een onrechtmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer’. Politiekorpsen mochten de gegevens maar drie dagen bewaren, maar bewaarden deze vaak maanden lang. Om dit te corrigeren, diende minister Ivo Opstelten (VVD) in 2011 een wet in die het legaal maakte voor de politie om de kentekengegevens voor langere tijd te bewaren om ook alvast bewijsmateriaal voor toekomstige misdrijven te verzamelen. Korpsen werden dus niet gestraft voor hun privacyschending, maar beloond.

Voordat ik het vergeet: onze overheid tapt regelmatig telefoons af. Het is goed mogelijk dat uw gesprekken ook wel eens zijn afgeluisterd. Dat zal wel meevallen denkt u, maar er werden bijvoorbeeld in 2008 26.425 telefoons in Nederland afgetapt. Ter vergelijking: in de Verenigde Staten, waar meer dan 300 miljoen mensen wonen, werd er 2.208 keer afgetapt. Dat zijn trouwens de officiële cijfers, want de AIVD en de MIVD mogen ook telefoongesprekken afluisteren, maar hoeven niet te melden met welke frequentie dit gebeurt. In 2002 werd in de wet wel opgenomen dat de afgeluisterde persoon nadat het onderzoek was afgelopen op de hoogte moest worden gebracht van wat er had plaatsgevonden. Maar ook hier faalt de overheid weer. Sinds de notificatieplicht in de wet staat, is hij nog nooit uitgevoerd.

Vorige week kwamen de ministers Opstelten van Veiligheid & Justitie (VVD) en Schippers van Volksgezondheid (VVD) met nog meer plannen om Nederland veiliger te maken. Beiden houden er welhaast Orwelliaanse methodes op na om dit te bereiken. Opstelten zou graag zien dat de Nederlandse politie computers van verdachte burgers mag hacken. Schippers maakt het nog bonter: zij ziet graag dat justitie dna van patiënten mag raadplegen dat in ziekenhuizen wordt opgeslagen. Op die manier zou via een omweg een landelijke dna-databank worden gecreëerd en is iedere burger een potentiële verdachte. Dat de gegevens van patiënten nu al niet veilig zijn bij ziekenhuizen, betrekt de minister niet eens bij haar overwegingen.

Het is duidelijk dat de overheid de Nederlandse burger het liefst tot achter de voordeur wil controleren. Maar ik vraag me af of het niet eens tijd wordt dat wij de overheid wat meer gaan controleren. Waarom vertrouwen wij de overheid nog met onze gegevens als zij er niet zorgvuldig mee omgaat?

Ik heb niets te verbergen en de ministers vast ook niet. Juist omdat ik dat vertrouwen heb, heb ik niet de neiging om hun telefoongesprekken af te luisteren of hun dna onder de loep te nemen. Laat staan dat ik wil weten wat er wel en niet op de persoonlijke laptop van Opstelten en Schippers te vinden is.

Daarom snap ik niet waarom de ministers de aandrang voelen om in de wet vast te leggen dat justitie mijn dna, mijn telefoongesprekken en mijn laptop wel mag onderzoeken. Een samenleving vol met wantrouwen is niet de samenleving waarin we willen leven. Vertrouw mij en ik vertrouw u. Laten we het daar voorlopig even bij houden.

EU kan zich geen optie ‘à la carte’ veroorloven

25 Feb

Met hun pogingen bevoegdheden uit Brussel ‘terug te halen’ schaden de lidstaten uiteindelijk hun eigen belangen.

De Britse premier Cameron is er bedreven in: een populistische visie ventileren op de Europese Unie om zijn conservatieve achterban te paaien. Zijn speech past in een trend van politici die handig inspelen op de negatieve gevoelens over de Europese Unie die de Europeanen hebben overgehouden aan de eurocrisis. In Nederland openbaarde dit zich tijdens de verkiezingen van vorig jaar. Daar begon Geert Wilders een lastercampagne tegen de Europese Unie, de Europese leiders en de Europese instituties. Het CDA, de ChristenUnie en de SP sprongen ook op de anti-Europese trein, maar veel viel er gezien de verkiezingsuitslag niet te halen.

Met de rede van Cameron hebben de Nederlandse politici weer een aanleiding om punten te scoren bij de ontevreden burger. De VVD zou graag een lijstje zien met bevoegdheden die terug kunnen naar Den Haag. Zo’n lijstje is om twee redenen volstrekte onzin: de meeste Brusselse maatregelen zijn met elkaar verweven omdat de (economische) maatschappij geen makkelijke scheidslijnen kent. Milieuregels in één lidstaat leiden tot een concurrentievoordeel in een ander lidstaat. Milieuregels moeten daarom op Europees niveau worden geregeld om de interne markt vlot te laten verlopen. Dit mechanisme heet in de internationale betrekkingen niet voor niets het spillover-effect. 

De tweede reden – en dat weet VVD-fractievoorzitter Zijlstra – is dat de Brusselse maatregelen en wetgeving in de Tweede Kamer worden getoetst op proportionaliteit en subsidiariteit. Deze toetsing zorgt ervoor dat bevoegdheden zoveel mogelijk op nationaal niveau worden geregeld tenzij het efficiënter is om dit op Europees niveau te doen. Alleen als aan beide voorwaarden wordt voldaan, geeft de Kamer haar goedkeuring. Gelukkig maar, want daarom kunnen wij onze eigen koers varen ten aanzien van het homohuwelijk, het gedoogbeleid en het euthanasie-, en abortusbeleid. Een lijstje maken is dus onnodig en welhaast onmogelijk. Of heeft de Kamer er in het verleden soms een potje van gemaakt? 

Het CDA maakte het vorige week nog wat concreter: onder andere het zwangerschapsverlof, enkele milieuregelingen en de pensioenregels zouden onder Haags gezag moeten vallen. Daarmee bedrijft het CDA partijpolitiek. De bestaande nitraat- en bodemrichtlijnen uit Brussel zouden in Den Haag kunnen worden afgezwakt, tot groot genoegen van de traditionele landbouwachterban. 

Op het zwangerschapsverlof is weinig aan te merken. De Brusselse regels beschermen de werknemer beter dan destijds de Nederlandse. Dan de pensioenregels: het is begrijpelijk dat zowel politici als burgers wantrouwend tegenover bemoeienissen met de pensioenregels staan. Maar juist daar valt op Europees niveau veel te behalen. Er heerst tenslotte grote ontevredenheid over de pensioenleeftijd in landen als Frankrijk en Griekenland. Europese regelgeving zou ervoor kunnen zorgen dat de pensioenleeftijd in alle lidstaten wordt opgetrokken tot 65 of 67 jaar. 

Curieus was dat de regeringspartij PvdA bij monde van het Kamerlid Servaes heeft laten weten dat het CDA nu op de Europalijn van het kabinet zit. Curieus, omdat Diederik Samsom twee weken geleden zelf in Nieuwsuur nog zeer kritisch reageerde op de speech van Cameron. Daar zei hij dat het kabinet zijn kritiek op het ‘supermarktmodel’ van Cameron deelt. Vreemd dat nu het CDA een soortgelijk ‘supermarktlijstje’ bepleit, het kabinet hier opeens achter lijkt te staan. Misschien wordt het tijd voor Samsom om weer eens te bellen met zijn de Franse president Hollande, ook sociaal-democraat, zoals hij dat deed voor de verkiezingen. Hollande lijkt een beter en duidelijker antwoord te hebben op de Europese vraag dan de Nederlandse regering. Het is alleen jammer dat Hollande de landbouwsubsidies wil handhaven, maar geen politicus is zonder zonden. 

Het terughalen van bevoegdheden blijkt op vele vlakken onnodig en zeer waarschijnlijk ook onmogelijk. De optie ‘à la carte’ bestaat niet voor de Europese Unie. Een lijstje opstellen is misschien goed voor de bühne, maar niet voor Nederland. Juist enkele nieuwe bevoegdheden, zoals afspraken over de pensioenleeftijd op Europees niveau, zou Europa meer concurrerend en solidair maken. De grote problemen van de Europese Unie, het ondemocratische gehalte, de zwakke onderlinge verbintenis tussen lidstaten en de huidige eurocrisis, worden niet opgelost met lijstjes. 

Dat weten onze politici ook wel, maar ze durven het ons helaas niet te vertellen. Hun reactie op Cameron is kortzichtig en speelt in op de emotie van de kiezer. Het overtuigen van het electoraat van nut en noodzaak van de Unie lijkt niet aan de Nederlandse politicus besteed. ‘Europa, best belangrijk’ is weer terug, maar blijkt nooit weg te zijn geweest. Met die houding krijgen wij onze soevereiniteit niet terug en wordt de EU niets meer dan een bonte verzameling van economisch verzwakte landen, krampachtig vasthoudend aan hun eigen boodschappenlijstje.